Het is mijn schuld niet!

Dat ik uren kan doen over een koffertje inpakken voor een eenvoudige en al te bekende vakantie buitenslands; of veel te lang doe over een wat meer dan eenvoudige maaltijd: het is mijn schuld niet! Wat een opluchting, ja zeker!!
Het zit namelijk zo: de rechterkant van mijn hersenen is minder bereikbaar voor introspectie en bewustzijn; met name van de hogere cognitieve stoornissen. Ik heb dus last van verstoringen van het bewustzijn van de complexe functies die een goede werking van het executieve systeem vereisen.

Nou! Zo, dus!

Snap jij ‘m? Ik niet en dat is dus niet mijn schuld, ik kan er domweg niets aan doen.

De rechterkant van mijn hersenen is een beetje opgeblazen, dus het zicht op het geheel –dat schijnt daar te zitten- is wat kwijt.
De linkerkant observeert, analyseert en becommentarieert er lustig en rustig op door, terwijl mijn rechterkant soms werkelijk niet weet waar het nou eigenlijk over gaat. Dat probeert de kwebbelende linkerkant bij te houden.

Het geheel van haperend communicerende helften levert gesprekken op die van mijn kant nogal divergeren: van het ene onderwerp hup! over naar het volgende. Gelukkig houden gesprekspartners –zeker de professioneel geschoolden- doorgaans de lijn van het gesprek vast; da’s wel fijn als het ècht ergens over dient te gaan.

Dat gaat dan bijvoorbeeld als volgt.

“Hoe kwam je nou bij dat habseflatsen?” , vraagt de hulpverleenster (het is in vrijwel alle gevallen een zij) vriendelijk, maar wel dringend en dwingend. “Je had het over pindasaus met appelstroop, je ging over naar kunstschilderen, betekenisvolle vrijetijdsactiviteiten, yoga. En toen ging je over op habseflatsen.”
Ik kijk, wat glazig neem ik aan, en weet het antwoord niet,ècht niet!
Of wacht!
“Hoorapparaten”, antwoord ik met kaarsrechte logica, “ik had het over hoorapparaten.”
“Die doe ik uit als ik pindasaus maak. En die maak ik àltijd met rinse appelstroop. Want koken is een hobby. En schilderen ook wel, hoor. Sinds kort dan.
En als het gaat over betekenisvolle vrijetijdsactiviteiten, dan..”
“Stòp!”, roept de psychologe (want dat is het) dan enigszins verhit. Ik dreig in herhaling te vervallen en vervolgens linksaf te slaan in plaats van aan te komen bij habseflatsen. En dóór.

Terug naar de teloorgang van mijn complete hersencapaciteit en vooral ook naar wat het –niet geringe- resterende deel nog wèl vermag.

En ach, elke dag geeft iets meer inzicht.
Denk ik.
Want zeker weten doe ik dat niet.
Mijn rechterkant is minder bereikbaar voor introspectie en bewustzijn, vandaar.
En dàt weten is geruststellend.

Gerdien Brinkman
Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.