Netwerken

Naast het hersenletselteam Gelderland zijn er regionale netwerken gevormd, bestaande uit vertegenwoordigers van de samenwerkende organisaties uit de verschillende sectoren die betrokken zijn bij de NAH problematiek.

De doelen van de netwerken zijn

  • Het stroomlijnen en op elkaar afstemmen van het bestaande (regionale)zorgaanbod.
  • Samenwerking tussen de verschillende organisatie op het gebied van niet aangeboren hersenletsel
  • Kennis krijgen van elkaars aanbod
  • Aanbod ontwikkelen in de chronische fase binnen de regio voor mensen met NAH.

De aansturing van de regionale netwerkgroepen gebeurt door een projectleider en een coördinator die werken onder mandaat van de stichting NAH Gelderland.

Provinciebreed netwerkgroepen

Op dit moment zijn er 6 regionale (multidisciplinaire) netwerkgroepen. Om de aansluiting met de primaire zorgketen (acute en herstelfase) te borgen wordt er naar gestreefd in elk van de adherentiegebieden van de Gelderse ziekenhuizen een netwerkgroep te formeren. De leden uit de netwerken vertegenwoordigen de ziekenhuizen, revalidatie, verpleeg- en verzorgingstehuizen, thuiszorgorgnisaties, gehandicaptenzorg (LG en VG), eerste lijnszorg, MEE en onderwijs.

Op dit moment zijn er netwerken gevormd in Apeldoorn/Zutphen, Arnhem, Nijmegen, Gelderse vallei, Hardewijk en Doetinchem. De komende tijd zal de projectleider zich bezig gaan houden om in de regio Tiel een nieuw netwerken te gaan formeren.

Elke netwerkgroep stelt een jaarplan op met prioritering van zaken betreffende de implementatie van het Zorgprogramma “Op hoofdlijnen verbonden” (Prismant, oktober 2004) waaraan in hun regio moet worden gewerkt. Tevens zal er ook afstemming plaatsvinden met de andere netwerkgroepen om eventuele overlap en projecten gezamenlijk op te gaan pakken.

Projecten die opgepakt kunnen worden in de diverse netwerkgroepen zijn:

  • verbetering van vraagverduidelijking en evaluatie,
  • inzicht in bestaande en ontbrekend zorgaanbod,
  • informatievoorziening voor professionals, getroffenen en verwanten,
  • verbetering van diagnosestelling,
  • identiteit en rehabilitatie van getroffenen
  • trajectbegeleiding, dossiervorming, transitie protocollering en cliëntvolgsystemen,
  • opzetten van deskundigheidsbevordering en begeleiding van het cliëntsysteem,
  • explicitering van zorgprogramma’s voor de diverse oorzaken en vormen van NAH,
  • het ontwikkelen van een sociale kaart.

Reacties zijn gesloten.